Een dekbed wassen doe je op een fijnwas- of wolwasprogramma van 40°C of 60°C, afhankelijk van wat het waslabel aangeeft. Dat klinkt simpel, maar er zijn een paar dingen die snel misgaan: een te volle trommel, de verkeerde temperatuur of een dekbed dat daarna niet goed droogt. Hier lees je stap voor stap hoe je het aanpakt.
Controleer het waslabel voordat je begint
Elk dekbed heeft een waslabel aan de binnenkant van de rand. Dit label vertelt je op welke temperatuur je mag wassen, of machinewassen überhaupt mag en hoe je het dekbed daarna het beste droogt. Sommige materialen, zoals dons of zijde, zijn gevoeliger dan synthetische vullingen.
- Synthetisch (polyester): meestal geschikt voor 40°C of 60°C op een normaal of fijnwasprogramma.
- Dons of donsveertjes: wasbaar op 40°C, gebruik een wolwas- of fijnwasprogramma zonder centrifuge op hoge snelheid.
- Wol: wolwasprogramma op 30°C of 40°C, nooit warmer.
- Zijde: vaak alleen chemisch reinigen. Controleer dit goed, want zijde krimpt snel bij de verkeerde temperatuur.
Staat er een kruis door het wasteil? Dan is machinewassen niet toegestaan en breng je het dekbed naar de stomerij.
Welk programma gebruik je voor dekbed wassen?
Kies een fijnwas- of wolwasprogramma. Deze programma’s gebruiken een rustige trommelbeweging, waardoor de vulling minder samenklontert. Een normaal katoenprogramma is te intensief voor de meeste dekbedvullingen. Stel de centrifuge in op maximaal 800 tot 1000 toeren, tenzij het label anders aangeeft.
Gebruik minder wasmiddel dan normaal, want een te veel aan zeep spoelt niet goed uit een dik dekbed. Een halve dosis vloeibaar wasmiddel is meestal genoeg. Gebruik geen wasverzachter bij dons: dat plakt de vezels aan elkaar, waardoor het dekbed zijn warmte verliest.
Past je dekbed in de wasmachine?
Dit is waar het vaak misgaat. Een dekbed heeft ruimte nodig om te bewegen in de trommel, anders wordt het niet goed schoon en droogt het ongelijkmatig. Een gemiddeld tweepersoonsdekbed (240×200 cm) past in een wasmachine van minimaal 8 tot 9 kilo. Een eenpersoonsdekbed (140×200 cm) past in een machine vanaf 6 kilo.
Twijfel je of het past? Druk het dekbed luchtig in de trommel. Als je de deur nog net dicht krijgt maar er is geen ruimte meer, is de trommel te vol. Ga in dat geval naar een wasserette: die hebben machines van 12 tot 20 kilo, die zijn precies geschikt voor grote dekbedden.
Dekbed drogen na het wassen
Goed drogen is minstens zo belangrijk als goed wassen. Een vochtig dekbed dat opgerold wordt opgeborgen, trekt schimmel en geeft een muffe geur. Heb je een wasdroger? Droog het dekbed op een lage temperatuur en gooi er twee of drie tennisballen bij. Die slaan de vulling los en voorkomen dat die samenklontert tot natte kluiten.
Geen droger? Leg het dekbed plat op een droogrek of buiten op een schone ondergrond in de zon. Keer het regelmatig om en schud het tussendoor goed door, zodat de vulling los blijft. Reken op een droogtijd van zes tot twaalf uur, afhankelijk van de dikte en het materiaal. Controleer voor je het dekbed opbergt of het ook van binnen volledig droog is: voel daarvoor in de dikste plekken.
Hoe vaak moet je een dekbed wassen?
Een stelregel die breed wordt aangehouden: was je dekbed twee tot vier keer per jaar. Gebruik je altijd een dekbedovertrek (wat je sowieso zou moeten doen), dan hoeft het dekbed zelf minder vaak gewassen te worden. Was je zweet veel of ben je allergisch voor huisstofmijt, was het dekbed dan vaker, bijvoorbeeld elke zes tot acht weken.
Vlekken verwijder je het beste direct, met een vochtige doek en een klein beetje vloeibaar wasmiddel. Laat je een vlek te lang zitten, dan trekt hij dieper in de vulling en is hij moeilijker te verwijderen bij het wassen.
Pak het wassen van je dekbed gestructureerd aan: controleer eerst het label, kies het juiste programma, zorg dat de trommel groot genoeg is en droog het dekbed volledig voor je het terugplaatst. Doe je dat goed, dan gaat een dekbed jaren mee en blijft het fris en hygiënisch.



